Daad Zomer is een beeldend kunstenares die voor en vanuit verwondering werkt. Jasmijnthee, een klein huis, de kleur van roest, ... spelen samen in haar schilderijen en nodigen kijkers uit hun persoonlijke verwondering op te merken.
+Reizen
In mijn eentje reisde ik een paar jaar door Zuid-Europa om deel uit te maken van een groep culturen die vaak goed bij me passen -samenhorigheid, apero, ...- maar eigenlijk werd eenzaamheid de grootste leermeester: het werd hard nodig toegang te krijgen tot mijn geluk. Ik ontdekte een altijd groeiende lijst van dingen die me verwonderen; een agavebloem, een waslijn in de straat, ..., ze werden talismannen van mijn geluk.
+Verwonderen
Ik stel voor dat iedereen diens zintuigen scherp houdt op wat hen verwondert. Welk woord/geluid/object/… tintelt je dankbaar te bestaan? Met een persoonlijke, en altijd groeiende, lijst van verwonderingen heb je toegang tot een heel menselijk geluk (nog altijd in een tijd van gruwel en poëzie-doders als woekerende oorlogen en AI-filmpjes). Mijn schilderijen zijn mijn spelend manifesto: ik laat me verwonderen, en laat verwondering toe.
+Schilderen
De afloop van de reisperiode maakte plaats voor de ontwikkeling van mijn schildervaardigheid. Ik ging op les waar ik eerder mijn design diploma behaalde: op de Willem de Kooning Academie. Ik hoor nog altijd denkbeeldig mijn schilderdocent, Leo de Koning, ondersteuning bieden in de vorm van rake wijsheden: ‘Olieverf is niet heilig.’
+Schrijven
In dezelfde periode organiseerde ik schrijversavonden om schrijvers een sociaal kader te bieden. De schrijvers deelden invalshoeken over elkaars werk en hielpen elkaar zo op weg, ongeveer zoals dat op de academie gaat. Tijdens mijn reis is gemeenschap essentieel gebleken voor geluk, we onderschatten het belang ervan. De schrijversavonden dienden als meer dan alleen een stimulering van kunst, ze gaven menselijkheid aan een solitair proces, dat van schrijven.
+Pottenbakken
Tijdens mijn reis verzamelde ik langzaam handgemaakte keramieken mokjes en zo groeide er een kleine verzameling van verwonderende gebruiksvoorwerpen. Eenmaal terug in Nederland kocht ik een mokje van Anja van Biene die me dusdanig verwonderde dat ik niet meer onder mijn jarenoude droom uit kon: ik wilde de ambacht van keramiek leren. Bij Judina leerde ik het vak kennen: ‘Een potje mag heus van alle kanten scheef zijn, als het maar goed blijft staan.’ Al snel had mijn eigen atelier een draaischijf en een oven. Keramiek is nog altijd iets dat ikzelf als ambacht beschouw, het hoogst haalbare is dat iemand in alle ochtendstilte uit een Daad Zomer mokje diens thee drinkt en zich er rustig door verwondert.
+Maken
Ik heb een ruim atelier waarin ik vaak schilder, en vaak pottenbak. Soms maak ik een kostuum of een theaterrekwisiet, maar ik laat me altijd verwonderen.
Wil je iets kwijt of wil je iets weten?